Niko Raes

Extreme grens

Niko Raes gebruikt het eigen lichaam als basismateriaal. Daarmee plaatst hij zich in de traditie van de performance en body-art. Tijdens [Don’t] Mind the Body toont hij de transparante sculptuur Is this what you wanted?. Het is een afgietsel van zichzelf in kunsthars. Het representeert niet zozeer het lichaam als object, als kopie van een buitenkant, maar refereert naar het lichaam als drager van een intense ervaring.

Het lichaam is wat we het meest onmiddellijk bij de hand hebben. Het picturale, zowel voor een publiek als in de intimiteit van het atelier, valt voor Niko Raes steeds in het veld van de performance. Ook opgesloten in een plaasteren mal, staat het overbrengen van de eigen ervaring naar de uiteindelijk toeschouwer centraal. Niet met het doel te choqueren, maar de fysieke en innerlijke grens voelbaar te maken. Een symbiose te laten ontstaan tussen performer en publiek.

Het lichaam als sculpturaal element ligt ook aan de basis van zijn performances. In Shattered dreams laat hij zijn witgekalkt lichaam met koorden aan armen en polsen omhoog hijsen. Handen en voeten zijn telkens met elkaar verbonden. Hij is zijn eigen ‘puppet master’. In het ijle hangend tekent hij in de ruimte. Door het machinale aspect krijgen de bewegingen iets ‘unheimlichs’. Maar de bewegingen worden steeds trager. De menselijk uitputting is voelbaar. Juist die fysieke strijd maakt zijn performances herkenbaar. Wat volgt is de totale uitputting, een hoopje mens.

Het afmattende ligt ook vervat in zijn beeldend werk. Voor het maken van een werk als Is this what you wanted? zit hij gedurende drie uur gehurkt in een mal. Volledig ingesloten ademt hij via een kleine opening aan zijn neus: ‘Ik probeer me vooral te focussen op mijn ademhaling, om zo met de situatie en eventuele pijn om te gaan.’

Het eigen lichaam gebruiken als materiaal voor een kunstwerk betekent ook een afstand nemen. Niko Raes transformeert het lichaam tot een universeel ‘corpus’. Of het nu het witgekalkte lijf is of de transparante sculptuur, ze verbeelden het identiteitsverlies. Maar juist in het gebruik van het eigen lijf, het achterlaten van een zichtbaar DNA-spoor draagt de performer het bewust-zijn van zijn grenzen over op de toeschouwer. Het esthetische ligt verscholen in de fragiliteit en de eerlijkheid daarmee om te gaan. Een schoonheid echter die zichzelf verteert. Wat overblijft is het extreme lichaam als een zuivere aanwezigheid, de presentatie van een subliem gebeuren.

© Eva Steynen, Antwerpen, Oktober 2010

website Niko Raes